Verwaande kwasten?

Prettige penselen en professionele verf zijn belangrijk voor het maken van mijn natuurillustraties. Mijn preverente merk aquarelverf is Winsor Newton waarvan ik napjes en tubes gebruik. Winsor Newton heeft zogenaamde ‘studentenkwaliteit’ (vooral gebruikt door amateurs) en ‘professionele kwaliteit’ voor professionals zoals ik. Zelfs in aquarelverf zitten schadelijke stoffen zoals cadmium en ik begin langzaam maar zeker over te schakelen naar professionele verf zónder cadmium. Helaas zijn er nog niet zoveel kleuren op de markt, maar ik verwacht dat de komende jaren de keuze steeds ruimer zal worden.

Da Vinci en Raphaël zijn de leveranciers van mijn penselen. Aanvankelijk werkte ik met penselen met synthetisch haar, maar sinds ik een tip kreeg van een (nota bene veganistische) bevriende kunstenaar om eens kwasten van eekhoornhaar te proberen, ben ik verkocht. Had niet verwacht dat het verschil zo groot zou zijn. Zo prettig om mee te werken: de haren nemen veel water en verf op en vormen een mooie punt.  Doordat ze haren kunnen afbreken, is het wel noodzakelijk deze penselen regelmatig te vervangen. Op de foto zie je het verschil tussen een gebruikte (links) en nieuwe (rechts) kwast.

Vroeger bestonden er alleen penselen met dierlijke haren. Denk aan das, bunzing, kameel, geit, paard, pony, varken en rund. Het is goed om te weten dat deze haren vaak uit de voedsel- en bontindustrie komen en de penselen gemaakt worden van haren uit de staart of pels, maar er zijn ook boederijen waar eekhoorns en marters worden gefokt voor penselen. Voor de allerduurste van kolinsky-haar (martersoort, familie van de nerts uit Siberië en Noordelijke streken van Azië) betaal je voor een fijn penseel al gauw 75 euro en er zijn zelfs kwasten van meer dan 1500 euro.

Hoe het zit met het verschil tussen synthetische (hier heb je immers olie voor nodig) of dierlijke haren wat betreft de CO2-uitstoot, weet ik (nog) niet. Hoor graag of iemand me kan vertellen wat het verschil in CO2-voetafdruk is.